woensdag 26 november 2008

John Kennedy's strijd om en in het Witte Huis — Robert Drew-documentaires op Geschiedenis TV

De tijd vliedt henen
Het is inmiddels alweer iets meer dan 45 jaar dagen geleden dat de toenmalige Amerikaanse president, tijdens een bezoek aan de niet zo democratisch gezinde stad Dallas in Texas, werd vermoord. Nog regelmatig worden er documentaires op talloze grote tot en met kleine, dan wel zelfs obscure televisiekanalen uitgezonden. Veelal met dezelfde gegevens, een enkele keer aangevuld met verraasende elementen of nieuwe invalshoeken, of zelfs tot nu toe onbekend gebleven aspecten van die uiterst dramatische gebeurtenis, al dan niet in overeenstemming met de feiten.
Voordat John F. Kennedy met zijn vrouw Jacqueline in het Witte Huis terechtgekomen is, moest er een zware strijd worden gestreden tussen de kandidaten voor het hoogste ambt in de Verenigde Staten — en, zoals men ook toen reeds meende, op de hele globe. Dat de jeugdig en innovatief ogende Kennedy een groot voordeel had ten opzichte van de bijzonder onaangenaam werkende Richard Nixon, is er uiteindelijk mede verantwoordelijk voor geweest dat de relatief jonge Democraat in het Oval Office is beland.
Nog weer eerder had hij binnen de eigen partij strijd moeten voeren om de kandidatuur. Filmmaker Robert Drew heeft Kennedy in 1960 tijdens die gebeurtenissen gevolgd. Het resultaat, getiteld Primary, is woensdag 26 november, tussen 23:02 uur en middernacht, te zien op Neerlands digitale televisiekanaal GeschiedenisTV.
Donderdag 27 november, vanaf 20:00 uur wordt dezelfde rolprent vertoond waarin te zien is hoe John Kennedy het opnam tegen Hubert H. Humphrey. De laatstgenoemde werd, onder Lyndon Johnson, alsnog vice-president.
Direct in aansluiting daarop volgt, tussen 20:54 uur en 21:47 uur, eveneens van filmer Robert Drew, de documentaire Crisis: Behind a presidential commitment. Die film gaat over de crisissituatie waarin John Kennedy, de 35ste president van de Verenigde Staten van Amerika, zich in het jaar 1963 bevond.
Deze documentaire wordt op hetzelfde digitale kanaal herhaald op vrijdag 28 november, vanaf 22:57 uur.

zondag 23 november 2008

Drie historische documentaires via het ZDF in de nacht op maandag 24 november, na Nachtstudio

Eerst nog Nachtstudio
Het tweede Duitse publieke televisienet ZDF biedt in de nacht van zondag 23 op maandag 24 november na het maandelijkse discussieprogramma Nachtstudio — dat tussen 00:45 uur en 01:45 uur zal worden uitgezonden en eveneens als een documentair programma kan worden beschouwd met steeds opnieuw een maatschappelijk relevant onderwerp.
Deze keer behandelen de gespreksdeelnemers het thema Waardigheid in de laatste levensjaren van een menselijk wezen: over dementie en dood. En over het feit dat de medische wetenschap dienaangaande nog niet erg ver is gevorderd.
Gespreksleider is, zoals altijd, Volker Panzer.

Drie documentaires achtereen
De drie documentaires, die dan, tussen kwart voor twee en vier uur, volgen, duren stuk voor stuk drie kwartier en worden in vertelvorm, door de internationaal hoog in aanzien staande Duitse acteur Maximilian Schell, voorgesteld. Het betreft in alle drie gevallen een herhaling van afleveringen uit een reeks documentaires uit het jaar 2006. De drie films worden op het formaat 16:9 uitgezonden. Al deze documentaires maken deel uit van TERRA XXL — Die lange Nacht der Verloren Reiche. In een dtv-paperback, die in samenwerking met het ZDF tot stand is gekomen, worden diverse programma's uit de fascinerende ZDF-reeks TERRA X, toegespitst op Große Mythen, uitgebreid behandeld.

Einde van de Tsaren
Met het doden, op 17 juli 1918, van negen personen — de Russische tsaar, de tsarina en hun vier kinderen, alsmede drie leden van hun heel directe personeel — kwam er een einde aan de heerschappij van het toenmalige tsarenbewind in Rusland. Dat gebeurde, in een kelder in de Siberische stad Jekatarinenburg, door een executiecommando van de communisten, die in 1917 de macht in dat enorme rijk hadden overgenomen. Vandaag de dag bevindt zich een kathedraal op de plaats van die historisch beladen gebeurtenis. De tsarenfamilie is heilig verklaard, en dat laat weer eens zien op welke schrikbarende willekeur zoiets is gebaseerd. Hoewel een executie als de op bovengenoemde datum, zonder enige vorm van proces, op geen enkele wijze goed te praten valt, mag niemand voorbijgaan aan de beestachtigheden die in naam van, en niet zelden op direct commando van, de achtereenvolgende tsaren hebben plaatsgegrepen. Vrijwel al die tsaren zaten, net als andersoortige dictatoren en aanverwante beesten in mensengedaante, van onder tot boven onder het bloed.
In de film, die de titel Das Ende der Tsaren draagt, komen gerenommeerde historici aan het woord die zich buigen over de vraag of deze terroristische daad door het inmiddels communistische regime van Rusland had kunnen worden voorkomen.
Het spreekt vanzelf dat er ruime aandacht aan de laatste Tsaar, Nikolaj II, wordt besteed. Diens eigen moeder twijfelde in hoge mate aan diens visie op politiek en maatschappij.
De vervolging van Nikolaj II en zijn familie werd door het Russische Hoogerechtshof onwettig verklaard. In1998 werden de stoffelijke resten, voor zover deze zijn gevonden, in de nieuw gebouwde kathedraal herbegraven.

Het Ottomaanse Rijk
Na de documentaire over de ondergang van de Tsaren volgt, tussen 02:30 uur en 03:15 uur een documentaire over de opkomst en ondergang van het Ottomaanse rijk.
Op 29 mei 1453 effenen de Janitsjaren de weg naar Europa voor de Ottomanen door de stad Constantinopel in te nemen, nadat ze de muren van deze — in die periode in onze geschiedenis, fraaiste stad, die als onneembare veste te boek stond — stad onder leiding van Sultan Mehmet wekenlang met enorme kanonnen hadden bestookt.
Met behulp van deskundigen schetst de film een beeld over de enorme kracht, die deze kleine Turkenstam, onder leiding van Osman in Anatolië had opgebouwd, en de daaruit voortvloeiende macht, die ertoe heeft geleid dat twee eeuwen later de opvolgers van deze Osman een rijk beheersten dat zich uitstrekte van Algerije tot aan Perzië en van Hongarije tot aan de Golf van Aden: een halve wereld, zogezegd.

De laatste Duitse keizer
De bijzondere Terra XXL-lange nacht wordt besloten met een documentaire over de opkomst en ondergang van het Duitse keizerrijk. De titel van de film, Kaiser Wilhelm — Mit Hurra in den Untergang, is niet vrij van dubbele bodems, die wellicht in de loop van de drie kwartier tussen 03:15 uur en 04:00 uur zullen worde blootgelegd.
Als de verschillende Duitse vorsten in 1871 in Versailles bijeenkomen om, onder leiding van de IJzeren Kaselier Otto von Bismarck, de proclamatie van de Duitse bij te wonen en de koning van Pruisen uit te roepen tot keizer, blijkt weer eens hoezeer die kanselier zijn voorstellingen, wensen en verlangens had weten door te drijven. Om de Duitse eenheid te bewerkstelligen had deze — besnorde en veelal gehelmd met vederbos voorgestelde, grote baas van het Duitse gebeuren — de oorlog tegen Frankrijk geïnitieerd en de kroning van de keizer te Versailles als afsluiting van dat conflict gemanipuleerd, waarmee hij de Duitse eenheid voor lange tijd, zo niet voorgoed, meende te kunnen vestigen.
Dit in zeer korte tijd door Bismarck van wensbeeld tot realiteit gecreëerd keizerrijk van wat eerst twaalf Duitse deelstaten waren, had daarmee een inwonertal dat alle omringende naties overtrof, en binnen twee decennia was het land erin geslaagd alle concurrenten in de sfeer der industrie achter zich te laten. Maar niet alleen in die categorie, doch tevens in de medische en chemische wetenschappen wist Duitsland in die korte tijd bovenaan de ranglijst te geraken.
Hoe het dan mogelijk was dat goed vier decennia na Versailles al het bereikte op het spel werd gezet, wordt in deze documentaire onderzocht.
____________
Afbeeldingen
1. Logo van het ZDF-programma Nachtstudio met het gezicht daarvan: Volker Panzer.
2. Voorzijde van de dtv-paperback met Terra X-artikelen.
3. Tsarenkathedraal. (Foto: ZDF.)
4. Het tsarenechtpaar Nikolaj en Alexandra. (Foto: ZDF.)
5. De slag om Constantinopel. (Foto: ZDF.)
6. Kaiser Wilhelm II (1859-1941), die na zijn afdanking de rest van zijn dagen in het Nederlandse Doorn (Utrecht) sleet. (Foto: ZDF.)
7. De IJzeren Kanselier Otto von Bismarck (1815-1898) hier als staatsman in burgerpak.

zaterdag 22 november 2008

Biografisch drama Einstein and Eddington op BBC2, en Albert Einstein-biografie door Walter Isaacson

Gelijke initialen: AE²
Hedenavond — tussen 22:10 uur en 23:40 uur — wordt door de Britse televisiezender BBC Two een biografish drama uitgezonden over Albert Einstein en Arthur Edington. Doordat de beide heren dezelfde initialen hebben en er in hun leven heel wat wis- en natuurkundige formules aan hen zijn voorbijgetrokken, zou je het tweetal als AE² kunnen kwalificeren.


De verfilming van het ruim beschikbare biografische materiaal, door regisseur en Emmy Award-winnaar Philip Martin, is tot stand gekomen als een Brits-Amerikaanse coproductie welke dit jaar werd afgerond. De hoofdrollen worden vertolkt door David Tennant, Andy Serkis en Rebecca Hall.
De handeling van de film begint als de Eerste Wereldoorlog losbarst. De Duitse natuurkundige Einstein
[1], die dan 35 jaar oud is, werkt aan een geheel nieuwe theorie over de zwaartekracht. Einstein en de Britse astrofysicus Arthur Eddington (1882-1944), die sedert 1913 werkzaam was als hoogleraar in de astronomie te Cambridge, voeren een zeer intensieve correspondentie, welke er mede toe zal leiden dat zij gezamenlijk de grootste wetenschappelijke doorbraak van de twintigste eeuw realiseren.
In de trailer, die reeds enkele keren op BBC-television is vertoond, heeft men ook de befaamde scene opgenomen, waarin Einstein zijn tong uitsteekt Ongetwijfeld is dat de bekendste van alle Einstein-parafernalia geworden.

Biografie
Zelfs met zeer oppervlakkige kennis over Albert Einstein zal het niemand verbazen te vernemen dat hij reeds als vijftienjarige een graad in de wiskunde had. De man was een van die geleerden, die meer met zijn werk en de daaraan gekoppelde belangen bezig was dan met het dagelijks leven. Zo kon het ook gebeuren dat de twee echtgenotes, die hij tijdens zijn aardse bestaan heeft gehad, als nauwelijks meer dan wezens die het huiselijke reilen en zeilen voor hun rekening namen. Van zijn gehandcapte zoon wilde hij niets weten. Hij ging echter niet zo erg in zijn werk op dat het bevredigen van fysieke behoeften tot een andere wereld behoorden, en hij onderhield dan ook contacten met enkele vrouwen, die de functie van maîtresse vervulden.

Contrasten
Hij was in tal van opzichten een man vol contrasten: enerzijds was hij een fervente pacifist in de periode nadat hem (in 1921) de Nobelprijs was toegekend, maar in het daarop volgende decennium schrok hij er niet voor terug mee te werken aan de ontwikkeling van de atoombom. Ter relativering moet daar aan worden toegevoegd dat deze bereidheid mede werd geïnitieerd door wat er in nazi-Duitsland onder Hitler gebeurde, en als Jood voelde hij zich daardoor vanzelfsprekend heel direct betrokken. De vrijheid van het individu en van de wetenschapper vormden voor hem een eerste vereiste.

Vrijheid
Einstein overleed in 1955, tien jaar na beëindiging van de Tweede Wereldoorlog. Hij heeft dus niet meer beleefd dat in het land van zijn keuze — de VS — de vrijheid van wetenschap onder de dicatoriale president anno nu ernstig werd beperkt en dat het in zijn voormalige geboorteland zodanig gist en borrelt dat een Vierde Rijk met een nog monsterlijker Gestapo dan anno toen, verregaand in de maak is op initiatief en onder directe verantwoordelijkheid van een zichzelf als christen-democraat beschouwende, extreem heidens handelende, minister die in alle opzichten de weg geheel kwijt is.

Isaacsons boek
In 2007 is bij Nieuw Amsterdam Uitgevers de Nederlandse vertaling — door HenkMoerdijk — verschenen van de uitmuntende, zeseneenhalf honderd pagina's tellende, biografie van Walter
Isaacson, die daarin een zeer genuanceerd beeld schetst van Albert Einstein de particulier en de geleerde, en krijgen we op diverse plekken een inkijk in de handel en wandel van de man die ervoor heeft gezorgd dat onze visie op het ons omringende heelal zeer ingrijpend is veranderd. Isaacson heeft ervoor gekozen om Einsteins bestaan centraal te stellen binnen de historische gebeurtenissen in de eerste helft van de twintgste eeuw, welke van zo doorslaggevende betekenis zijn geweest voor tal van verschillende ontwikkelingen in het alledaagse menselijk bestaan op dit ondermaanse, zowel wat ons privéleven betreft alsook in een algemeen-maatschappelijke context, en in de wetenschappen en kunsten. Isaacson gaat tegenstellingen in de persoon enerzijds, en die in de uitkomsten van het wetenschappelijk werk van zijn protagonist aan de andere kant, niet uit de weg en krijgen we zo een niet alleen kleurrijk beeld van de persoon en de wetenschapper, maar tevens van wat zich er aan verscheurdheid binnen deze twee afsplitsingen van het wezen Einstein hebben afgespeeld, hetgeen nog eens werd versterkt toen bleek dat hij in de tweede helft van zijn ondermaanse vertoeven niet alleen veel in het werk heeft gesteld om de eigen theorieën onderuit te halen, maar waarschuwde hij tevens voor de snel voortschrijdende wapenwedloop, waar zelf immers enige tijd aan had meegewerkt.
Een fascinerend en soms adembenemend boek.
__________
[1] Evenals de filosoof-econoom Karl Marx (1818-1883) en de psychoanalyticus Sigmund Freud (1856-1939) behoort Albert Einstein (1879-1955) tot de trias van de Protagonisten die het denken in de twintigste eeuw zeer nadrukkelijk hebben beïnvloed. Hun werken belandden in mei 1933 in de vuurzee die in vrijwel elke plaats van enige betekenis in nazi-Duitsland werden gecreëerd om onwelgevallige geschriften uit het openbare leven te verwijderen. Dat de drie bovengenoemde heren allen Jood waren, was voldoende om hen tot ongewenste elementen te bestempelen.


__________
Walter Isaacson — Einstein — De Biografie
Vertaald door Henk Moerdijk
656 pag., gebonden met stofomslag
met een speciaal fotokatern
Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2007
ISBN 978-90-468-0318-9.
_____________
Afbeeldingen
1. Voorzijde van het stofomslag van de Nederlandse vertalig van de Einstein-biografie door Walter Isaacson.
2. Arthur Eddington, de Britse astrofysicus en correspondent van Albert Einstein.
3. Walter isaacson, auteur van de Einstein-biografie.
4. Signatuur van de grote geleerde.

woensdag 19 november 2008

Biopic en docudrama over Marie Antoinette — op één avond via de Belgische zender Canvas

Twee films
Op woensdag 19 november zal de tweede Nederlandstalige Belgische televisiezender Canvas twee keer een uur besteden aan de historische figuur Marie Antoinette (oorspronkelijk aartshertogin Maria Antonia van Oostenrijk; 1755-1792), dochter van de Oostenrijke keizerin Maria Theresia en de laatste koningin van Frankrijk, die was gehuwd met Lodewijk XVI. Haar aardse bestaan eindigde onder de guillotine, aangezien ze zich op het cruciale moment — toen de Franse Revolutie uitbrak in 1789 — aan de verkeerde kant van de scheidslijn der tweedeling in de maatschappij van dat koninkrijk bevond.
Als eerste wordt tussen 20:40 uur en 22:40 uur de biografische speelfilm Marie Antoinette uit 2006 vertoond van regisseuse Sofia Coppola, die tegelijkertijd verantwoordelijk tekent voor het draaiboek — een coproductie van onder meer de VS en Frankrijk. De hoofdrollen zullen worden vervuld door Kirsten Dunst, Jason Schwartzman en Danny Huston.

Bijzonderheden
Gegevens van de productiemaatschappij vermelden dat het Sofia Coppola niet te doen was om een politiek statement af te geven, maar dat ze zich veel meer had gericht op de privépersoon Marie Antoinette met haar geheel eigen belevingswereld, haar emoties en haar innerlijke wezen.
De regisseuse legt daarbij de nadruk op het Marie Antoinette omringende toestanden en gebeurtenissen, vooral in de door gehuichel, valsheid en hypocrisie gekenmerkte directe omgeving.


In deze film is Marie Antoinette een mens dat slachtoffer is geworden van woelige veranderingen en ze wordt nu eens niet geportretteerd als een secreet dat zich verbaasde over het feit dat het volk morde: "Het heeft geen brood, Sire." — "Nou, dan eten ze toch taart!" [1]
Filmkenners die inmiddels hebben kennis genomen van deze rolprent, spreken over "een lust voor het oog" en dat de grootste troeven ervan liggen in het camerawerk en de art direction, al is men meestentijds ook uitermate lovend over Kirsten Dunst, die de prinses uitbeeldt in deze film.

Documentair drama
Na een kort praatprogramma dat de Marie Antoinette-kijkers zo'n half uur de gelegenheid geeft iets anders te doen, volgt om 23:15 uur op dezelfde Begische zender een tweede film met hetzelfde thema en eveneens dezelfde titel, maar daarbij gaat het om een documentair drama van David Grubin — overigens gerealiseerd in hetzelfde jaar als de bovengenoemde speefilm — dat eveneens zo'n twee uur duurt.
Juist in een tijd van grote belangstelling voor, helaas, al te erg geromantiseerde verhalen over tal van historische figuren is het een verademing om een rolprent te zien, waarin de figuren weliswaar door acteurs worden 'ingevuld' — de personen zelf te laten opdraven, is nu eenmaal een te zware opgave, aangezien ze in die periode niet konden worden gefilmd —, maar die zich in hun doen (en laten) dien te houden aan feiten en niet aan de smaak van een groot en middelmatig publiek aangepaste interpretaties, welke niet zelden, althans ten dele — hun basis vinden in een al te opgezwollen duim, die erg veel invloed uitoefent op het wensdenken, met alle uitvergrote gevolgen van dien.
__________
[1] Niet zonder een lichte schok der herkenning is het feit dat deze zelfde uitspraak ongeveer een kwart eeuw geleden aan de Engelse premier Thatcher werd toegeschreven toen die een reeks van maatregelen had genomen dat grote groepen van mensen aan de bedelstaf had gebracht.
____________
Afbeeldingen
1. Regisseuse Sofia Coppola (geb. 1971).
2. Scène te Versailles waar de film werd opgenomen, met Kirsten Dunst als Marie Antoinette.
3. Staatsieportret uit 1775 van de laatste Franse koningin Marie Antoinette.

donderdag 13 november 2008

De foutieve beeldvorming over Adolf Eichmann

Geen Schreibtischtäter
Op donderdag 13 november spreekt Gabriel Bach in de Amsterdamse sociëteit Felix Meritis over het proces tegen Adolf Eichmann (1906-1962) dat in 1961 in Israël werd gevoerd en dat veelal werd beschouwd als hèt proces van de eeuw. De inmiddels 81 jaar oude Gabriel Bach, geboren in 1927 in Duitsland — die tijdens het Eichmann-proces één van de belangrijkste aanklagers was en later, tussen 1982 tot aan zijn pensionering in 1997, heeft gefunctioneerd als rechter van het Israëlische Hooggerechtshof —, trekt zeer aandacht voor en tijdens zijn optredens met de boodschap dat deze Eichmann niet de 'simpele' nationaal-socialist was, die persoonlijk niets tegen Joden had, doch slechts orders uitvoerde zonder daar zelf enig fanatisme bij aan de dag te hebben gelegd.
Gabriel Bach is van mening dat — hoewel het proces een strafzaak was waarvoor zoveel mogelijk degelijk materiaal moest worden verzameld om te kunnen bewijzen dat Adolf Eichmann de directe verantwoordelijkheid droeg voor de transporten van Joden naar de vernietigingsmachinerie in concentratiekampen — het proces van historische betekenis is geweest doordat daarmee voor het eerst de omvangrijke systematiek van het geplande uitmoorden van het Europese Jodendom in algemene zin bekend werd, ook en vooral in Duitsland waar dat prcoes elke avond opnieuw een thema was op de beeldbuis en daardoor het onderwerp nadien niet meer kon worden genegeerd of deels terzijde kon worden geschoven.
Gabriel Bach wijst beschuldigend in de richting van de filosofe Hannah Arendt, die over het proces heeft gepubliceerd en daarbij sprak over die Banalität des Bösen. Ondanks haar belangstelling heeft ze niet met Bach en zijn medewerkers willen spreken en kwam ze slechts enkele dagen voor het begin van het proces in Israël aan. Haar opstelling als filosofe van hoog aanzien en Jodin heeft er volgens Bach (mede) voor gezorgd dat er tot op heden een verkeerde opvatting bestaat over het werkelijke functioneren van Eichmann. Die was immers — in de context van de plannen tot vernietitiging van het Europese Jodendom van mening dat 'achttien een getal' was, maar een miljoen 'niet meer dan een statistiek'.
Zelfs toen Hitler met de Hongaarse leider Horty een afspaak had over 8700 Joodse gezinnen die mochten vertrekken, was het Eichmann die dit heeft willen verhinderen.
De avond in Felix Meritis, waarbij de voertaal Engels is, en die zal worden voorgezeten door Frits Barend, begint om 20:00 uur. De lezing van Gabriel Bach, die wordt gehouden onder het motto Sharing an office with Eichmann, is vrij toegankelijk. Meer informatie daarover kunt u hier vinden.

Saul Friedländer
De Joodse historicus Saul Friedländer, die is gespecialiseerd in de onderhavige thematiek, deelt de kritiek van Gabriel Bach aan Hannah Arendt. Hij laat — in zijn recente, monumentale standaardwerk over de geschiedenis van de vervolging en de aansluitende vernietiging van de Europese Joden [1] — er geen twijfel over bestaan wat de ware functie van Eichmann is geweest en dat alles rechtvaardigt de conclusie dat die Hannah Arendt met — al dan niet onderbewuste — preoccupatie naar dat proces is gegaan. Saul Friedländer — in 1932 te Praag geboren in een Joods gezin — heeft met zijn zeer omvangrijke geschiedschrijving in twee kloeke delen met betrekking tot dit thema getracht, deze onuitwisbaar bezoedelde bladzijden uit de geschiedenis van de twintigste eeuw in het algemeen en in het bijzonder van die in Europa tijdens de eerste helft van de vorige eeuw, voor een groter lezerspubliek inzichtelijk te maken zonder daarbij voorbij te gaan aan gecompliceerde structuren.
Net als voor vele 'alledaagse' mensen blijft het een ondoorgrondelijk gebeuren dat juist in het land van de dichters en denkers, dat ook op andere fronten één der meest ontwikkelde naties ter wereld was, iets extremistisch crimineels en verachtenswaardigs van zodanige omvang heeft kunnen plaatsgrijpen.

Deel 1: De jaren van vervolging
In het eerste deel van Saul Friedländers boek uit 1997 — dat een jaar daarna in een Nederlandse vertaling bij uitgeverij Het Spectrum in Utrecht is verschenen, en verleden jaar, samen met het tweede deel in één band met opgeteld meer dan 1.300 pagina's tekst, door Nieuw Amsterdam Uitgevers (opnieuw) is uitgebracht [1] — behandelt Friedländer de Jodenvervolging in Duitsland aan de hand van zo ongeveer alle literatuur die over dat bewuste tijdperk (1933-1939) bestaat. De auteur is de stellige mening toegedaan dat de Duitse bevolking niet werkelijk uit was op een fysieke uitroeiing van het Jodendom (in Europa) [2], maar dat de in principe sterk afwijzende houding van datzelfde volk ertoe heeft geleid dat het wegkijken en de daaraan onverbrekelijk verbonden — dan wel van lieverlee (lees: door verdringing) ontstane — onverschilligheid mede verantwoordelijk is voor de situatie dat de nazi-bonzen vrijwel geheel ongestoord hun eliminatie van deze andere mensen, die niet in hun wereldbeeld pasten, hebben kunnen realiseren.

Deel 2: De jaren van vernietiging
Partijen, die in alle oprechtheid van hun overtuiging na de Tweede Wereldoorlog langdurig bleven beweren dat het niet Adolf Hitler was die verantwoordelijk was voor de ergste nazi-misdaden — maar dat dit alles moest worden toegeschreven aan de machtswellust van sommige nazi-topfiguren, die de werkelijkheid voor de Führer verborgen hielden —, zouden beter hebben kunnen, en dus moeten, weten als ze zich hadden georiënteerd op de harde feiten en niet op wensdenken. Het Duitse fenomeen Duckmäusertum — naar boven buigen en naar beneden trappen — heeft mede gezorgd dat die machthebbers de handelingsruimte namen om de plannen voor de Endlösung minutieus verder uit te werken en te realiseren. Saul Friedländer gaat evenmin een ander, dikwijls onderbelicht feit uit de weg: de houding die zo'n grote groep mensen — die in totaal zes miljoen Joden — aannam zich te schikken in de eisen van degenen die het voor het zeggen hadden. Dit geschiedde veelal uit overwegingen die waren gebasseerd op het principe van de Hoop: om zo erger te kunnen voorkomen en eventueel tijd te rekken.
Saul Friedländer heeft een Joods 'monnikenwerk' verricht door zich te worstelen door bergen van documenten met vastgelegde gebeurtenissen enerzijds en geprotocolleerde getuigenissen, mede op basis van grote aantallen brieven, dagboeknotities en opgetekende herinneringen.
Voor zijn ongeëvenaarde document met een conglomeraat aan onwrikbaar bewijsmateriaal heeft Saul Friedländer niet alleen de Pulitzerprijs gekregen; in 2007, op de laatste dag van de Frankfurter Buchmesse is hem aldaar in de Paulskirche [3] de Friedenspreis des Deutschen Buchhandels toegekend.
__________
[1] Dat zal te danken zijn aan het feit dat Nieuw Amsterdam-uitgever Henk ter Borg een decennium geleden nog bij werkzaam was bij Het Spectrum, doch nu met zijn Nieuw Amsterdam behoorlijk aan de weg timmert.
[2] Uit eigen ervaringen weet ik dat deze houding ook bij bepaalde groeperingen Nederlandse anti-semieten heerste. Men vond dat er voor Joden geen plaats in onze samenleving was, maar daarom hoefde toch niemand van hen op zelfs maar de geringste wijze te worden mishandeld. Ze zouden immers ook een eigen staat krijgen: Madagascar. Dat zo'n houding een al te gemakkelijke was, gebaseerd op een langzaam maar zeker geconditioneerde naïviteit, hoeft verder geen betoog. Een enkeling van hen was na de oorlog zo eerlijk om te bekennen dat ze weliswaar tevreden was met het feit dat de drieëneenhalf duizend Joden Groningen moesten verlaten, maar dat ze tijdens de oorlog, verplicht werkzaam op een kantoor van de Duitsers, iedere ondergedoken Jood waarover ze informatie had, ongemoeid heeft gelaten, aangezien ze tegen verraad was.
Aan de andere kant was er eind jaren tachtig van de vorige eeuw in datzelfde Groningen een winkelier, die bijna een halve eeuw na dato — aan ieder van wie hij wist of gevoeglijk kon aanemen dat deze niet-Joods was — vol trots vertelde dat hij op het viaduct bij het Hoofdstation van Groningen was gaan staan om de treinen met Joden uit te wuiven, en dat hij daar nog steeds trots op was. Die behoort, als hij nu nog leeft, tot de categorie der ewig Gestrigen.
[3]
De Paulskirche in Frankfurt am Main is een symbool voor vrede en vrijheid. Hier werd in 1848 de constitutionerende vergadering gehouden voor de stichting van de Duitse staat.
___________
Saul Friedländer: Nazi-Duitsland en de Joden
Deel 1. De jaren van vervolging 1933-1939
Deel 2. De jaren van vernietiging 1939-1945
472, resp. 862 pagina's, in één boek gebonden, met stofomslag.
Nieuw Amsterdam uitgevers, Amsterdam 2007.
Lannoo N.V., Tielt (voor België)
ISBN 978-9-782-3003-8.
____________
Afbeeldingen
1. Adolf Eichmann als 27-jarige in SS-uniform.
2. De Duitse filosofe Hannah Arendt (1906-1975).
3. Gabriel Bach als aanklager, op de achtergrond Eichmann tussen twee bewakers in een door kogelvrij glas omgeven beklaagdenbank.
4. Saul Friedländer.
5. Voorzijde van het stofomslag van Saul Friedländers 'foliant' over Nazi-Duitsland en de Joden.

dinsdag 11 november 2008

Vier uur achtereen diverse tv-programma's over de geschiedenis van Duitsland in de twintigste eeuw

Op digitaal kanaal GeschiedenisTV
Op dinsdag 11 november zendt het Nederlandse digitale kanaal GeschiedenisTV vier uur achtereen programma's uit over een groot deel van de geschiedenis van ons directe buurland Duitsland. Om 20:38 uur begint de lange avond tot na middernacht met achtereenvolgens de beide delen van de IKON-film uit 1988: München 38. Het eerste deel, Verwenste vrede, duurt tot 21:30 uur, en direct in aansluiting daaraan wordt het tweede deel Versmade bondgenoot de ether ingestuurd. In die beelddocumentatie wordt opnieuw duidelijk hoe verdeeld men in Europa was over de figuur van het Krankzinnige Beest Hitler en de gevolgen van zijn politiek, die heel eenvoudig voorspelbaar waren voor ieder die de bereidheid had getoond om te kijken en te luisteren.
Even voor half elf volgen onder de titel Twee Duitslanden dan nog twee reportages van de NOS, in 1989 gemaakt door Chester te Nuyl over in die dagen actuele ontwikkelingen van de beide Duitslanden en de toen nog onmetelijke importantie van directe en latere gevolgen.
Zowel de conflicten binnen de NAVO over kernwapens voor de korte afstand, en het 'demoratische' Duitsland dat toen veertig jaar bestond, komen aan de orde, evenals het opvallende vertrek van enkele Russische legeronderdelen uit Oost-Duitsland. Men vroeg zich af of de Muur wellicht toch nog zou vallen, ook al had de hoogse baas van de dictatuur, Erich Honecker (1912-1994) verklaard dat juist dat abject-afzichtelijke bouwsel in honderd jaar nog overeind zou staan, letterlijk en figuurlijk tussen de beide Duitslanden.

De kameraad van kunststof
Een goed zestig minuten durende documentaire over de kunststoffen automobiel genaamd Trabant sluit op de breed uitgemeten waanzin van een decennialang ver- en vooral gedeelde staat, waarin aan de ene kant economische welvaart heerst en wel van zo'n af en toe ook pijnlijk overbodige omvang — honderden verschillende merken sigaretten aan de westelijke kant van de muur tegenover slechts één merk aan de andere zijde — dat men het ongeloof dat daarover bestond bij een groot deel van de DDR-bevolking best kan begrijpen
De klassieke auto in het oostelijke Duitsland werd na de zogeheten eenwording snel verdrongen door de luxueuzere voertuigen die in het westen alledaags waren. In zijn documentaire over dit vervoermiddel blikt Wim Schepens terug op de betekenis van dat, dikwijls als bordpapieren automobiel beschimpt, voertuig.

Ralph Giordano
De ruim vier uur durende Duitse avond wordt besloten met een aflevering van de serie reportages, die toen tot de vaste programma's van de VPRO behoorden. Eén aflevering daarvan,
Duitsland 1992, onder redactie van Cherry Duyns, toont een portret van de schrijver Ralph Giordano (geboren te Hamburg in 1923), die aan de toenmalige bondsanselier Helmut Kohl een brief schreef waarin hij zijn bezorgdheid heeft geuit over het (groeiende) rechts-extremisme in zijn vaderland. Deze reportage duurt in de nacht van dinsdag 11 op woensdag 12 november van middernacht tot 00:33 uur.
____________
Afbeeldingen
1. Adolf Hitler als mensenkind.
2. Erich Honecker, Staatsratsvorsitzender van de Oost-Duitse Sozialistische Einheitspartei Deutschlands.
4. De ook nu nog in Duitsland bestreden auteur Ralph Giordano, die met anti-semitische haatpost en dreigtelefootjes werd belaagd.

vrijdag 24 oktober 2008

Orlando Figes' standaardwerken over de Russische Revolutie en Leven onder Stalin nu als paperback

Onovertroffen
In een artikel van 4 augustus hebben we in deze rubriek gewezen op een paar bijzondere boeken over het leven in Rusland ten tijde van de zwaar gedegenereerde, krankzinnige, niet-seksuele sadist Josif Dzjoegasjvili, die aan de wereld beter bekend was en is onder één van zijn minimaal 39 pseudoniemen: Stalin — de man van staal. Eén van die twee boeken betrof een biografie van deze dictator als jongeman, het tweede betrof het volkomen ingesnoerde leven dat de meeste Russen hebben geleid — geleden zou je willen zeggen — in de periode van de onnoemelijke terreur, die van overheidswege jegens hen werd verordineerd en die weliswaar in eerste instantie terugging op de persoon Stalin en diens wezen(loosheid), maar die nimmer zulke grillige en onmetelijke vormen had kunnen aannemen als daar niet een apparaat zou zijn ontstaan in de vorm van mensen, die hem klakkeloos zijn gevolgd en die machinaal hebben gehoorzaamd aan zijn bevelen.
Voor dat boek is de auteur, Orlando Figes, op alle fronten internationaal hoog geprezen, en terecht, want zo'n thriller vol gruwelen, die enerzijds een belasting vormt door de vele — noodzakelijkerwijs! — beschreven wandaden van het regime Stalin, doch tegelijkertijd een toegevoegde waarde van hoog niveau weet te realiseren onder meer door de veelomvattendheid van de thematiek en de wijze waarop de auteur dat alles heeft verwoord.

Geniale geschiedschrijving
Voordat zijn Fluisteraars was verschenen, had Figes reeds in 1996 A people's Tragedy gepubliceerd, dat echter pas tien jaar later in een Nederlandse vertaling — evenals Fluisteraars door Toon Dohmen — is uitgekomen, en thans, binnen twee jaar, in de gebonden editie is uitverkocht, en sedert begin deze maand als paperback op de markt is gebracht, hetgeen tevens geldt voor Fluisteraars.
Het is begrijpelijk dat de vakpers en de boekbesprekers zo positief over dit omvangrijke — meer dan 1100 pagina's omvattende — boek zijn. Het is de eerste keer dat een boek over de Russische Revolutie zich niet beperkt tot de tijd vanaf 1917, of eventueel vanaf 1905 toen er ook al flink werd gemord [1], maar een echte revolutie niet heeft kunnen plaatsgrijpen. Orlando Figes gaat echter terug tot het jaar 1891, waar hij de eerste aanzetten signaleerde tot dringend gewenste en evenzo noodzakelijke veranderingen in het maatschappelijk bestel van alledag, dat niet langer zou kunnen worden bepaald door de Romanovs en hun adviseurs, maar waarin ook echt plaats zou zijn voor het volk. Dat dit later, onder de aanvankelijk wellicht verbeteraars lijkende, protagonisten van de Oktoberrevolutie allengs is gedegenereerd tot een minstens zo ernstig schrikbewind als dat van de Tsaar en zijn machtsapparaat, hoeft niet (meer) te worden betwijfeld.
Schreef Jacob Israël de Haan (1881-1924) zijn verbijsterende verslag over de situatie in Russische gevangenissen ten tijde van de Tsaar [2], en had zo'n halve eeuw tevoren de Fransman Jules Michelet (1798-1874) [3] reeds zijn traktaat over de verschrikkingen aldaar, van de Weichsel tot in het hart van Siberië, uitgegeven, waarin hij iedere Rus omschreef als een martelaar; het toptraktaat van Orlando Figes is superieur aan al die verdienstelijke werken. Niemand hoeft zich te schamen voor de gedachte dat de latere gevangenen van die figuren, welke wandelende uitwassen zijn geworden van diezelfde oorspronkelijk als positieve doelen nastrevende omwentelingen, het ook bepaald niet beter hebben gehad dan die van de blauwbloedige regeerders, die het voor de revolutie te zeggen hadden en hun bloedige lakens hebben uitgedeeld.

Andere opzet
Orlando Figes heeft zijn portret van de Russische revolutie volstrekt anders opgezet dan alle tot dusverre verschenen standaardwerken over dit fenomenale gebeuren. Hij biedt perspectieven vanuit diverse persoonlijkheden, die niet door de auteur als waarschijnlijk worden geacht of zijn geïnterpreteerd op basis van diens eigen voorkeuren, maar geconstrueerd naar aanleiding van persoonlijke verslagen, die veelal berichten over een tragisch verloop van diverse individuele geschiedenissen. Dat alles heeft Figes verweven met het objectieve verhaal over de ontwikkeling van alle aan de Revolutie gelieerde fenomenen. Die mijlpaal in de historie van het enorme rijk tussen de Weichsel en het verre Vladivostok heeft een enorme betekenis gehad — en zal die houden — voor niet alleen de bewoners van het Rusland van toen en hun talrijke nazaten tot in minimaal het vierde geslacht, maar tevens voor de ontwikkeling van de geschiedenis van de Balkanlanden en die staten, welke direct grenzen aan het vrijere West-Europa — aan de andere kant van het IJzeren Gordijn, waar het gras nu eenmaal groener was.

Mensenwerk
Orlando Figes laat zien dat de Raderen der Geschiedenis niet een op zichzelf werkzaam mechaniek vormen dat naar willekeur kan draaien, maar dat dit altijd afhankelijk is van menselijk handelen of het uitblijven daarvan op cruciale momenten. Hij heeft met zijn aanpak een staaltje monnikenwerk verricht dat momenten van toen nu tot monumenten binnen de levensloop van in eerste instantie Europa zijn gepromoveerd, waarvan we weten dat de invloeden ervan nog altijd veel verder reiken dan de grenzen van de Oude Wereld.
Orlando Figes onderscheidt binnen die elfhonderd bladzijden vier perioden: de eerste van het Oude Regime, als voorloper met ondergronds reeds gistende indicaties voor de wens naar wijzigingen; dan volgt de meer dan een kwart eeuw beslaande periode van de Gezagscrisis (1891-1917). Het derde onderdeel omvat de periode der daadwerkelijke Revolutie tussen februari 1917 en maart 1918. Het omvangrijkste hoofdstuk is het vierde, dat handelt over de burgeroorlog en het ontstaan van het sovjetsysteem in de jaren 1918-1924.
Tragedie van een volk heeft als thema de mijlpaal in de westerse geschiedenis, welke als Russische Revolutie bekend gebleven is, en het boek is zelf al heel snel een mijlpaal gebleken binnen de bestaande vakliteratuur over de toestanden en gebeurtenissen, die hun schaduwen reeds gedurende een kwart eeuw hadden vooruit geworpen in het leven van zowel de Tsarenfamilie alsmede van de miljoenen Russen in de verschillende lagen van de bevolking. En tot op de huidige dag zijn op tal van fronten in diverse landen en streken de schaduwen van de gevolgen van diezelfde omwentelingen objectief aanwijsbaar en, niet te vergeten, voor zo menigeen subjectief voelbaar.
Met een zeer hoog ontwikkeld fingerspitzengefühl heeft Roland Figes met zijn boeken over het land en volk dat we onder de verzamelnaam Rusland kennen — en dat eigenlijk zoveel landen en volkeren omvat — zelf geschiedenis geschreven op het hoogst denkbare niveau.
Dankzij vertaler Toon Dohmen zullen nu veel meer lezers kennis kunnen nemen van de inhoud van deze gedetailleerd beschreven historie dan wanneer zijn boek(en) niet ook in het Nederlands zouden zijn verschenen. HULDE.
__________
[1] De Rus Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) schreef drie Revolutie-symfonieën: de Tweede (opus 14 — 1927) draagt als titel Октябр (Oktober); de Elfde (opus 103 — 1957) heet Het jaar 1905; de Twaalfde (opus 112 — 1961) draagt de naam Het jaar 1917.

[2] Jacob Israël de Haan: In Russische gevangenissen. Wereldbibliotheek, Amsterdam, 1913.

[3] Jules Michelet: Les Martyrs de la Russie (1854); in het Nederlands vertaald en van aantekeningen voorzien door S.J. Bouberg Wilson. Wereldbibliotheek, Amsterdam, zonder jaartal.
____________
Afbeeldingen
1. Rug van de Nederlandse paperback-editie van het boek in kwestie.
2. Auteur Orlando Figes (Foto Erik van den Boom).
3. Eén van de vooraanstaande vrouwen in de omwentelingen was Alexandra Kollontaj (1872-1952). Hier staat ze, in 1919, samen met de befaamde anarchiste Emma Goldman (links).
4. Dmitri Sjostakovitsj. Tekening van Jarko Aikens, Groningen 1984. Collectie Heinz Wallisch.
5. Voorplat van Orlando Figes' boek in de meest recente Nederlandse editie.

Orlando Figes: Tragedie van een volk
De Russische Revolutie 1891-1924.
1120 pag., grote paperback, met acht fotokaternen.
Nieuw Amsterdam Uitgevers, Amsterdam.
September 2008 (tweede druk; gebonden editie oktober 2006).
ISBN 978-90-468-0486-5.

maandag 20 oktober 2008

Leugens en legenden omtrent Felix Kersten — met helende handen in dienst van Hitler en Himmler

Felix Kersten
Mensen die geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van de twintigste eeuw en met name die van de Europese historie in de eerste helft van de twintigste eeuw, die door veel kwaad en als gevolg daarvan door veel dood en verderf en menselijke tragedies wordt gekenmerkt — tragedies die zijn veroorzaakt door enkele groepen van krankzinnige criminelen van de ergst denkbare orde, die hun beestachtigheid in de vorm van, al dan niet seksueel getint, sadisme, en, overdrachtelijk dan wel heel direct vampirisme in alle denkbare schakeringen. Tussen al die afgezanten van het Beest uit de Afgrond zoals — om nu even binnen nazi-Duitsland van toen te blijven— zoals Hitler, Eichmann, Bormann, Speer, Himmler en vele anderen, bevonden zich meelopers of mensen die wel anders hadden gewild maar dat niet aandurfden of meenden dat ze door binnen de structuren te blijven, hier en daar iets ten goede van sommige vervolgden te kunnen bewerkstelligen.
Eén van deze personen was de van oorsprong Finse arts Felix Kersten (1898-1960) de persoonlijke masseur van Himmler, die voor de oorlog ook bevriend was met Bernhard von Lippe-Biesterfeld, die zo menig nazi-grootheid tot zijn vriendenkring mocht rekeken. Hij is er door zijn directe invloed — vast niet in de laatste plaats door zijn directe contact met het lichaam van de massamoordenaar en deze met die handelingen een gevoel van welbehagen te verschaffen, en derhalve subliminale homoërotische handelingen te verrichten — in geslaagd veel mensenlevens te redden.
Na de ineenstorting van het derde rijk werden zulke mensen dikwijls met de nek aangekeken of zelfs voor de rechter gesleept, en in ieder geval veracht omdat ze zich met het nazi-gespuis hadden ingelaten. Nadere bestudering leert in veel gevallen dat er dikwijls geen sprake was van luidheid of lafheid, maar van zeer complexe situaties met afhankelijkheden, die niemand achteraf kan wegredeneren.
Hoewel Kersten flink wat mensen van de ondergang heeft gered, bleef hij, ook na de Tweede Wereldoorlog trouw aan de nazi-denkbeelden, en in die zin dus wel degelijk een man om volkomen te mijden.

Documentaire film
Emmanuel Amara heeft een documentaire film gemaakt over Felix Kersten, die de titel draagt Satan's doctor, die op maandag 20 oktober door Canvas, het tweede Belgische, Nederlandstalige televisienet zal worden uitgezonden tussen 22:05 uur en 23:00 uur.
Wellicht dat de film enig inzicht verschaft in oorzaken en gevolgen van zijn bekering tot Hitlers denkbeelden. Dat hij op meer dan één punt echter ook bepaald niet koosjer in de kop was, bleek uit zijn beweringen in het naoorlogse Nederland — waar hij vanwege de goede daden zoals bove gemeld, werd bewonderd — dat hij had voorkomen dat Den Haag werd gebombardeerd, dat de Afsluitdijk zou worden doorgestoken en dat de totale Nederlandse bevolking naar Polen zou worden gedeporteerd. Alles legendevorming en wensdenken van de man zelf, waarvan zo menig nuchtere Nederlander anno toen veel heeft geloofd.

zondag 31 augustus 2008

Een opvallende bundel oud papier

Niet gezocht, toch gevonden
Op de dag dat ik de dubieuze vondst van een Feldausgabe 1940 met een selectie Goethe-teksten tussen de opruimingsboeken deed, had ik — bovenin een open doos met oud papier die aan de stoeprand was geplaatst voor de in aantocht zijnde ophaaldienst — een gemarmerde boekband zien liggen, welke de onstaansperiode verried: het midden van de negentiende eeuw. Nieuwsgierig als ik ben naar boeken die ik niet direct (her)ken, sloeg ik het open en zag ik op de titelpagina de tekst, die hieronder is afgebeeld.


Opvallend was niet alleen het boek zelf, met een bruin-met-roodbruin gemarmerd voor- en achterplat — een rug ontbreekt eraan — maar ook het feit dat onder de titel met een breed schrijvende pen de hier volgende tekst is aangebracht:
Ex libris Prof. J. Domela Nieuwenhuis, gevolgd door diens intitalen.
Die Jacob Domela Nieuwenhuis (1836-1924) — jurist, hoogleraar en ook eenmaal rector magnificus van de Groningse Universiteit — was een zoon van de theoloog, die het boek heeft geschreven: Ferdinand Jacob Domela Nieuwenhuis (1808-1869), theolog. dr., hoogleraar te Amsterdam.
De andere zoon van deze geleerde is de later nog weer veel bekendere Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846-1919), die, in tegenstelling tot zijn vader en zijn broer, volstrekt geen gelovig man was en derhalve evenmin in die hoedanigheid veel werk binnen christelijke kring(en) heeft verricht.

De Naamlijst der Inteekenaren is verspreid over vijf bladzijden met twee kolommen. Dat bij die meer dan 500 intekenaren — van wie sommigen ook meer dan één exemplaar hebben besteld — de woonplaats Amsterdam zeer overheerst, zal niemand verbazen.
Het boek, dat inmiddels 152 jaar oud is, maakt niet de indruk veel te zijn geraadpleegd; sporen van ouderdom zijn wel aanwezig, ook naast het ontbreken van een rug. Het heeft sedert 1998 — aanvankelijk ongetwijfeld voorzien van een rug — in een antiquariaat te koop gestaan voor de somma van vijfenzestig gulden. Die prijs is voor, in of na 2002 niet aangepast aan de eurowaarde. Die combinatie van een ontbrekende rug en dito belangstelling zal ervoor gezorgd hebben dat de eigenaren van het antiquariaat dit historisch toch interessante boek — grof gezegd: al was het alleen maar vanwege de met zwarte inkt toegevoegde tekst door de zoon van de auteur — naar de molen der destructie hebben verwezen.
Het geschrift zal nu hetzelfde lot ondergaan als een zeer dik boek met een bijbel-uiterlijk dat als inhoud de Geschiedenis van de Hervorming en de Hervormde Kerk der Nederlanden heeft, en dat ik een goede week eerder van dezelde boekenmensen voor 50 cent meekreeg. Daar zat de rug aan één kant los, maar nadat ik die omissie eenmaal zal hebben hersteld, wordt het bijgezet in de huisbibliotheek, opdat het op de daarvoor gewenste momenten nog weer kan worden geraadpleegd.
____________
Afbeeldingen
1. Tekst op de titelpagina van F.J. Domela Nieuwenhuis' Geschiedenis der Amsterdamsche Luthersche Gemeente, verschenen in 1856.
2. De theoloog en hoogleraar Ferdinand Jacob Domela Nieuwenhuis.
3. Donkerbruin met roodbruin gemarmerd voorplat van het bewuste boek.

vrijdag 29 augustus 2008

Dichtervorst in nationaalsocialistische verpakking

Dubieuze vondst
In een partijtje opruimingsboeken, die alle betrekking hadden op de Duitstalige letteren, variërend van Hartmann von der Aue tot en met Günter Grass vond ik, naast twee boeken over Goethe, die ik nog niet had, een derde waarvan ik het bestaan niet eens kende, maar wel degelijk in de tijd kon plaatsen. Al die uitgaven — onafhankelijk van de vorm, de omvang, de huidige toestand van het boek of de oorspronkelijke prijs — mochten de deur uit voor slechts 50 eurocent per stuk.
Het gaat in dit kader echter om een boek dat — naast zoveel andere klassieken, die deels een andere functie kregen dan ze hadden voor de machtsovername door de nationaal-socialisten binnen de Duitse regering — werd gebruikt voor flink wat kwalijker doeleinden dan waarvoor de inhoud meer dan een eeuw tevoren was geschreven. En zulks werd bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog nog flink aangescherpt. Zo kon het gebeuren dat Eine Auswahl uit het oeuvre van het Duitse universele genie Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) werd misbruikt ter morele ondersteuning van de Entscheidungskampf van het Duitse volk in zijn geschiedenis.

Manipulatie
Zoals je in een tekst veel verschillende elementen kunt aantreffen — mede afhankelijk van een eventuele context —, is het voor de hand liggend dat deze Goethe-uitgave voor militairen aan het front niet was bedoeld ter verdere ontwikkeling van de literaire kennis of van het inlevingsvermogen, dan wel ter verpozing. Het enige doel van de legerleiding was het op peil houden van de Kampfgeist.
De Auswahl werd gepresenteerd als Frontausgabe 1940 in de vorm van een Feldpost-Buch, dat iemand aan een militair te velde kon zenden zonder dat hiervoor porto hoefde te worden betaald. Daartoe was de achterzijde van het boek — een kwart slag gedraaid als oblong-zending — voorgedrukt. De afzender hoefde alleen de naam van de geadresseerde en diens veldpostnummer in te vullen, alsmede de eigen naam in de daarvoor bestemde, veel kleinere ruimte. Direct daaronder waren vier regeltjes ingeruimd voor Mededelingen van de afzender. De linker hoek onderaan bevatte een tekst over de dichter, die direct op de situatie van het volk anno toen werd betrokken.


Durchhalteparolen
Schrijver van deze tekst — die een gedeelte was uit de wat langere inleidende tekst binnenin — stamde uit de pen van Sigmund Graff (1898-1979), die al direct vanaf het begin van de oorlog werkzaam was in de Presse- und Propagandaabteilung des Oberkommandos der Wehrmacht. Voordien was Graff onder meer werkzaam geweest in Goebbels' Propagandaministerium.
Drie jaar na de oorlog werd hij in een procedure echter als entlastet gekwalificeerd. Hij trok zelf diverse keren te velde tegen personen en instanties die hem in verband brachten met het nationaal-socialisme. Het uitgevershuis Kröner werd in 1963 daarvoor veroordeeld, maar in 1965, bij de revisie, vrijgesproken.
De man heeft een behoorlijke productie van uiteenlopende teksten op zijn naam staan, sommige belletrie schreef hij onder pseudoniem. Echter, zijn medewerking, tussen 1924 en 1933, aan de Stahlhelm, had voor velen als mene-tekel moeten functioneren, zeker als men bedenkt dat hij eenzelfde functie vanaf 1926 vervulde voor de gelijknamige partijkrant.
In 1926 heeft Graff, onder het pseudoniem C.E. Hintze, een roman — Die endlose Straße — gepubliceerd over zijn belevenissen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Dat boek werd een succes, ook buiten de grenzen van het toenmalige Duitsland.
Het Goethe-boekje in kwestie is uitgegeven door Deutscher Verlag Berlin, met als logo de uil van Ullstein Verlag dat door de nazi's was geannexeerd en later gleichgeschaltet.

maandag 4 augustus 2008

Andere tijden met de Stalin-documentaire uit 2003 deze week opnieuw tweemaal op GeschiedenisTV

Korte en krachtige diagnose
Maandag 4 augustus wordt, tussen 23:25 uur en 23:54 uur, als laatste onderdeel van het avondprogramma op het digitale themakanaal Geschiedenis TV, in een herhaling van het programma Andere Tijden van de NPS, de documentaire herhaald, die Merel de Geus in 2003 heeft afgerond over de extreem-veelvuldig gespleten persoonlijkheid, die met één van zijn in ieder geval negenendertig pseudoniemen wereldwijd berucht werd: Stalin. Hij is het geïncarneerde kwaad, de totale ontmenselijking van de homo sapiens, het vleesgeworden cliché van de niet-seksuele sadist. Zijn ongekend monsterlijke bewind — dat qua aantal vermoorden en tevens op andere wijze omgekomen slachtoffers, die voor zijn rekening komen — in de twintigste eeuw alleen nog overtroffen door die andere communistische personificatie van extremistische krankzinnigheid en tot op het binnenste merg verdorven tweevoeter genaamd Mao Zedong. Die regeringsperiode in de geschiedenis van het Rusland — dat op tal van fronten lange tijd was gebukt gegaan onder de knoet van tal van opeenvolgende tsaren — munt uit in een even zo sterke, zo niet nog verachtelijker, willekeur van de zijde van de machthebbers die de tsarenfamilie uit de weg hebben geruimd, en die uitzinnig abjecte vorm van machtshonger en dito -misbruik vond zijn bekroning in de persoon van de Man van Staal, die zo werd gedreven door een innerlijke motoriek van onherstelbare destructiviteit dat je alleen maar meer kunt betreuren dat zijn ouders niet een degelijke vorm van anticonceptie hebben benut.
De documentaire wordt deze week nog een keer uitgezonden, en wel op vrijdag 8 augustus, opnieuw op dat late tijdstip en eveneens via GeschiedenisTV.

Omvangrijke biografische boeken
Al eerder hebben we in deze rubriek bericht over enkele biografische meesterwerken die deze figuur uit de geschiedenis van de Sovjetunie tot onderwerp hebben. Meer over de biografie Stalins Jeugdjaren, geschreven door Simon Sebag Montefiore, is te vinden in het langere artikel van zondag 20 januari 2008 op deze site.
Dat het leven tijdens het bewind van die onbeteugelde leider, gedreven door het Kwaad gelijk opging met een ongekende vorm van propaganda heeft zo diep in het leven van de mensen in dat enorme rijk ingegrepen, en wel zodanig dat er, meer dan een halve eeuw na de dood van dit SuperMonster, nog altijd een ongelooflijke cultus van Stalin-verheerlijking in het huidige Rusland bestaat.
Het leven in het stalinistische Rusland wordt uitvoerig beschreven in het boek van Orlando Figes, getiteld The Whisperers. Private Life in Stalin's Russia. Het is verleden jaar uitgekomen en niet alleen in de oorspronkelijke vorm, doch vrijwel gelijktijdig in ons land, bij Uitgeverij Nieuw Amsterdam, in een vertaling door Toon Dohmen.
Het bijzondere boek is door de internationale pers met open armen ontvangen en getracteerd op juichende kritieken. De auteur, hoogleraar Geschiedenis aan de University of London, is erin geslaagd een veelomvattend portret te schetsen van de werkelijkheid met betrekking tot het leven van alledag in een land dat voortdurend wordt onderdrukt door een machtig apparaat van persoonlijke en politieke intimidatie en willekeur, en welke gevolgen heeft dat gehad in tal van persoonlijke relaties: vriendschappen, families, huwelijkspartners, ouders en kinderen. Orlando Figes schildert alle aspecten van het Rusland in de tijd van de Stalin-terreur zoals die van diverse kanten werd ondergaan, en hij laat daarbij geen groepering onbesproken. Daartoe heeft hij gebruim gemaakt van gegevens uit interviews, correspondenties en tal van memoires. Hoe diep moeten de verschrikkelijke keuzes zijn geweest waarvoor miljoenen Russen werden gesteld zonder een ware uitweg te zien, en hoe diep hebben de gevolgen zich in het wezen van die mensen en hun nakomelingen ingegrepen. Bijna alle Russen waren na korte of langdurige intimidatie zo murw dat zij veelvuldig zijn gedegenereerd tot collaborateurs van het totalitaire systeem dat, zoals zo dikwijls is gebeurd, nog erger was dan het door de machthebbers ervan bestreden systeem van de voorgangers. Fluisteraars biedt een omvangrijk verslag op alle fronten.
____________
Orlando Figes:
Fluisteraars — Leven onder Stalin.

774 pag., geb., linnen, met stofomslag.
Nieuw Amsterdam Uitgevers, Amsterdam /
Standaard Uitgeverij, Antwerpen, 2007.
ISBN 978-90-468-0244-1.

Afbeeldingen
1. Josif Dzjoegasjvili, alias Stalin, in 1902.
2. Voorzijde van het stofomslag van de bografie over Stalins jeugdjaren.
3. Orlando Figes, auteur van Fluisteringen.
4. Voorzijde van het stofomslag van Figes boek over het leven in Rusland tijdens het ongelooflijke schrikbewind van het Beest uit de Afgrond.

vrijdag 18 juli 2008

Stauffenberg-speelfilms vrijwel gelijktijdig op de beide Duitse publieke netten — slechte coördinatie

Een halve eeuw afstand
In de nacht van vrijdag 18 op zaterdag 19 juli presenteren de beide publieke Duitse televisiezenders — ARD/Das Erste en ZDF — elk een andere gedramatiseerde versie van de gebeurtenissen op 20 juli 1944, waarin Claus Schenk Graf von Stauffenberg, de leiding rol had.
Tussen de beide films ligt een halve eeuw. Het is alleen mogelijk deze films achtereen te zien als men één der beiden via elektronica opneemt, aangezien de uitzendtijden van de rolprenten elkaar overlappen.

Der 20. Juli
De oudste van de twee films, Der 20. Juli, is in 1955 gerealiseerd door Falk Harnack (1913-1991), een man die zelf tijdens de oorlog in 'de ondergrondse' zat en onder meer contacten onderhield met Sophie en Hans Scholl van de groep Die Weisse Rose. Hij heeft de tijd in kwestie als volwassene direct meebeleefd en had daardoor een positie met veel voordelen ten opzichte van anderen, die ver na het beëindigen van de Tweede Wereldoorlog hun producten hebben afgeleverd, al hadden die weer het voordeel van de afstand(elijkheid) en het eventueel grotere aantal invalshoeken.


Harnacks film wordt aangekondigd als historisch drama, dat een reconstructie biedt van de aanslag op Hitler, die was voorbereid door Claus Stauffenberg en op 20 juli 1944 in praktijk werd gebracht. Wolfgang Preiss (1910-2002), Annemarie Düringer (geb. 1925) en Robert Freitag (geb. 1916) spelen daarin de hoofdrollen. Deze film wordt uitgezonden door het ZDF en begint om 00:10 uur en duurt tot 01:45 uur.

Stauffenberg
Het op feiten gebaseerde oorlogsdrama Stauffenberg is een speelfilm uit 2004, geregisseerd door Jo Baier (geb. 1949), waarin eveneens een beeld wordt geschetst van de Opstand van het Geweten — ruim een decennium nadat de Incarnatie van het Beest uit de Afgrond — in het lichaam van een extreem verwrongen geest — bezit van Duitsland en zijn tachtig miljoen inwoners had genomen. Hierin spelen, en dat ligt voor de hand, veel jongere acteurs — allen Duits en geboren na de Tweede Wereldoorlog de hoofdrollen: Sebastian Koch (geb. 1962), Ulrich Tukur (geb. 1957) en Hardy Krüger junior (geb. 1968), en gelukkig zijn bij geen van deze drie protagonisten Hollywood-invloeden te bespeuren.
Op de DVD-versie van de film staat als ondertitel Aufstand der Generäle. Op de info-pagina daarover wordt gerefereerd aan een alternatieve titel: Operation Valkyrie. Dat laatste begrip is eveneens de titel geworden van alweer een andere, nieuwere versie, die door Hollywood en een extreem ambitieuze sektariër werd geïnitieerd, maar gelukkig vooralsnog op de plank is blijven liggen. Zie daartoe onze eerdere bijdrage op deze site.
Sebastian Koch heeft gedurende het afgelopen decennium ook in andere speelfilms de rol van een leidende figuur binnen het Derde Rijk op zich genomen, zoals die van architect Albert Speer in de Speer und Er, eveneens uit 2004, geregisseerd door Heinrich Breloer. Hetzelfde geldt voor Ulrich Tukur, die de rol van de theoloog Dietrich Bonhoeffer — die zich nadrukkelijk als tegenstander van het Derde Rijk heeft geprofileerd — op zich heeft genomen in de rolprent Bonhoeffer uit 2000, van regisseur Eric Till.
Stauffenberg, als televisiefilm geproduceerd voor, en in het jaar van ontstaan uitgezonden door, de ARD, begint vrijdag 18 juli om 23:30 uur en heeft de klassieke speelduur van negentig minuten.
____________
Afbeeldingen
1. Stauffenberg-postzegel van 20 eurocent, in 1964 uitgegeven door de Deutsche Bundespost.
2. Scène uit Der 20. Juli van Falk Harnack. Geheel rechts Wolfgang Preiss als Claus von Schenk Graf Stauffenberg.
3. Voorplat van de DVD-versie van Stauffenberg (Jo Baier) met Sebastian Koch in de titelrol.